verpleegkundigen poseren voor het zusterhuis
Verhalen

Zij ‘doen’ al 40 jaar verpleegkunde in het UMCG

De professionalisering en emancipatie van de verpleegkunde waren in de jaren ’70 minstens zo actueel als nu. Het waren de jaren waarin de dagopleidingen hbo-v en mbo-v werden opgericht. Mirjam Bams, Pim de Graaf en Gonda Stallinga waren in 1980 een van de eerste mbo-verpleegkundigen in het UMCG en werken hier nog steeds. Hoe verliep hun loopbaan en hoe kijken zij naar de loopbaanmogelijkheden voor de huidige verpleegkundigen?

Tekorten aan verpleegkundigen, nou in 1980 waren die er zeker. Daarom kwamen personeelsconsulenten van het AZG, zoals het UMCG toen heette, op school langs om al verpleegkundigen in opleiding te werven.  Gonda Stallinga zag ze komen en besloot voor het AZG te gaan. “Omdat het een universitair ziekenhuis is en ik graag verder wilde studeren.” Gonda ging werken op de verpleegafdeling van Chirurgie urologie en oncologie. “Voor mij was die start geweldig, het was een super interessante afdeling. De hoofdverpleegkundige plaatste in plaats van verpleegkundige taken, de patiënt centraal in de zorg. En ze hadden er net een nieuwe chemobehandeling voor jongens met testiskanker.”

Pim de Graaf koos ook voor het AZG en ging op de verpleegafdeling van trauma- en vaatchirurgie werken. “Daar lagen toen de slachtoffers van de grote treinramp bij Winsum. Er kwam meteen heel veel op me af, sommigen mensen die daar lagen waren goed ziek.” De ontvangst in het AZG vond hij heel goed. “In het AZG kregen we een inwerk-  en begeleidingsplan, dus ik wist wat ik moest kunnen en kennen.” Die plannen noemt hij zelfs zijn redding. “Ik kreeg patiënten die crimineel waren,  drugsverslaafden… Dan ben je 22, hè. ’s Nachts was ik wel eens een patiënt kwijt, ja, wat moet je dan? Ik heb het vak daar echt geleerd en heb me altijd heel welkom gevoeld.”

Mirjam Bams kwam naar Groningen met het plan om na de mbo-v, de opleiding tot verloskundige te gaan doen. “Maar daar is het nooit meer van gekomen, want ik vond de verpleging zo leuk…  en zelf geld verdienen ook”, vertelt ze. Als 19-jarige startte ze op Interne Geneeskunde en hielp meteen mee om na een overlijden, mensen af te leggen. “Daarin kregen we geen begeleiding, nee. Maar ik vond mezelf niet te jong, hoor. Bovendien waren de meeste opgenomen patiënten toen niet zo ziek als nu en bleven ze lang liggen. Ik heb ook veel met ze gelachen.”

Met de neus in de verpleegkundige veranderingen

Waar Gonda meteen met patiëntgericht, integrerend verplegen startte, leerde Mirjam bij Interne Geneeskunde nog taakgericht verplegen. “Je werkte dan van achteren naar voren de afdeling af, patiënt voor patiënt.” Na Interne wilde ze graag meer ervaring opdoen en ging naar Chirurgie. “Ik ruilde van plek met een verpleegkundige die juist wel eens naar Interne wilde. Maar dat ging zo maar niet, kreeg ik te horen. Ze moesten eerst zien of je wel geschikt was.” Dat was ze. “Bij Chirurgie viel ik met mijn neus in de verpleegkundige veranderingen, geweldig.”

Op verschillende afdelingen aan het werk

Het was de  tijd dat er een ‘banenbank’ werd opgericht om  verpleegkundigen steeds door te laten stromen naar andere afdelingen, herinnert Gonda zich. “Dat moest ziekenhuisbeleid worden.”  Gonda, Pim en Mirjam zagen veel verpleegafdelingen en deden uiteindelijk alle drie de opleiding tot IC-verpleegkundige. “Pim: “Ik wilde heel graag naar de IC, maar vond het in het begin vreselijk moeilijk. Ik kreeg met allerlei dilemma’s te maken en mijn collega’s die ouder en laconieker waren, zeiden dan: ‘Komt wel goed’. Het was echt bikkelen tot ik het daar allemaal beter ging begrijpen.”

Doorleren, verder studeren

Mirjam was voor ze aan de IC-opleiding begon al gestart met een managementopleiding. “Ik dacht, als ik een leidinggevende functie wil, is het handig dat ik dat papiertje al heb.”  Na de IC- opleiding werkte ze op de Recovery en Thorax IC, rondde de lerarenopleiding af en toen ze zag dat de nieuwe hoofdverpleegkundigen allemaal Verplegingswetenschappen hadden gestudeerd, besloot ze dat ook te gaan doen. Zo werd ze hoofdverpleegkundige van de IC Beademing. “Ik zeg altijd dat ik daar echt volwassen ben geworden. Je bent dan de laatste in rij, je moet beslissingen nemen over zaken die je van te voren niet kan bedenken.”

Afstuderen, promoveren

Gonda, die het AZG immers had uitgekozen vanwege de universiteit, bleef dat doel in het vizier houden. Na de IC-opleiding deed ook zij de lerarenopleiding, ijverde ondertussen voor de mogelijkheid om parttime te kunnen werken op de IC en werd er praktijkbegeleider. Uiteindelijk ging ze zich fulltime bezighouden met de ontwikkeling van het vak:  als stafmedewerker beroepsinnovatie. “Toen ik daar werkte ben ik Verplegingswetenschappen gaan studeren.” Onderzoek naar ICF, een methode om het functioneren van de mens en de eventuele problemen die hij ervaart te beschrijven, werd haar onderwerp. Ze studeerde er op af en promoveerde er een aantal jaren later ook op. Nu ontwikkelt ze haar eigen onderzoekslijn binnen de sectie Verplegingswetenschap en volgt  bij ZonMw het Leiderschapsprogramma Verpleegkundig Onderzoek.

Docent én verpleegkundige

Pim had altijd klinische lessen gegeven op de verpleegafdelingen waar hij werkte. “Dat vond ik heel erg leuk en het is door leidinggevenden altijd gestimuleerd. Op een gegeven moment kon ik op de Thorax IC les gaan geven en vanaf die tijd ben ik parttime docent, parttime IC-verpleegkundige geweest.” Verpleegkundige zijn vindt hij na veertig jaar nog steeds een prachtig vak. De laatste twee jaar werkt hij volledig als docent en vind het super dat dat kan. “Het mooiste van het vak vind ik misschien nog wel de feedback die ik krijg van leerlingen. Zij kunnen op een manier naar iets kijken, die ik nog niet ken.”

Tot aan het pensioen

Jaren geleden werd Mirjam gevraagd om manager zorg te worden. Uiteindelijk klopte haar gevoel dat dat ‘te groot’ voor haar was. “Ik was niet op de juiste plek.” Wat volgde was lastig. “Je bent van zo’n klap niet zomaar hersteld, ik dacht eerst dat ik niets meer kon. Maar dat was natuurlijk niet zo.” Ze werd eerst weer hoofdverpleegkundige, vervolgens ook voorzitter van de Verpleegkundige AdviesRaad en daarna projectleider. “Uiteindelijk ben ik op zoek gegaan naar een functie waarin ik met plezier en uitdaging tot aan mijn pensioen kan werken.” Dat werd de baan die ze nu heeft: hoofdverpleegkundige van het Centrum voor Thuisbeademing.

Nu meer loopbaanmogelijkheden

Gonda, Pim en Mirjam vinden dat verpleegkundigen nu zeker net zoveel loopbaanmogelijkheden hebben als zij hadden. “Als je op je plek bent op een afdeling, kun je daar prima jaren werken. Wil je andere mogelijkheden, dan waren en zijn die er. Maar ze komen niet naar je toe, je moet het wel zelf doen,” zeggen ze alle drie. Gonda: “Iedereen voelt dat het in de gezondheidszorg niet alleen om de ziekte gaat, maar om het functioneren van mensen. Ook in het UMCG zeggen we ‘Zie de mens’. Dan kijk je dus verder dan de ziekte. Verpleegkundigen hebben veel verstand van de patiënt, zijn omgeving en hoe de gezondheidszorg werkt. Als we dat tot focus maken, dan kun je als verpleegkundige in het onderwijs, onderzoek en de zorg, gezondheid van mensen bevorderen.” Loopbaanmogelijkheden zijn er bovendien nu op alle niveaus, ziet Gonda. “En dat is vooruitgang, want toen ik begon, had je nog geen verpleegkunde op academisch niveau.”

Bekijk ook onze vacatures

Foto's