Verhalen

Het werk van Jacoba en Ronald

Verpleegkundigen Interne Geneeskunde, Ouderenzorg en Infectieziekten

Jacoba en Ronald werken op de verpleegafdeling E3 (Interne Geneeskunde, Ouderenzorg en Infectieziekten) als verpleegkundigen: “We leveren echt zorg op maat, je kijkt verder dan de casus, je kijkt naar de persoon. Wat heeft de patiënt nodig, hoe kunnen we deze persoon helpen?”

Ik ben in oktober 2019 bij het UMCG begonnen in de flexpool voor verpleegkundigen, vertelt Jacoba. Vanuit de flexpool heb ik op verschillende afdelingen gewerkt, waaronder de verpleegafdeling E1 van Infectieziekten. Deze startte de eerste COVID afdeling op. Nadat deze afdeling moest sluiten, zijn de verpleegafdelingen E1 en E3 gefuseerd. Ik wilde graag op deze afdeling blijven werken door de diversiteit in patiëntencategorieën, het leuke team en de leeromgeving. Ik werk hier nu meer dan een jaar en uiteindelijk wil ik graag op de Spoedeisende Hulp gaan werken. Vanwege deze doorgroeimogelijkheid heb ik er bewust voor gekozen om bij het UMCG te gaan werken en gelukkig wilden ze mij ook hebben.

Ronald werkt sinds juni 2017 in het UMCG: Ik ben direct op afdeling E3 begonnen. Daarvoor werkte ik in een verpleeghuis. Aan de ene kant iets heel anders, maar eigenlijk ook weer niet. Ik werk hier met dezelfde categorie patiënten, alleen zijn de mensen hier (erg) ziek en is hier in het ziekenhuis het ziektebeeld zwaarder. Toen ik hoorde dat ik hier was aangenomen heb ik al mijn andere sollicitaties afgezegd. Want van ‘het grote zaikenhoes’ wilde ik graag onderdeel uitmaken.
 

Een werkdag begint

met een overdracht van de vorige dienst, het inlezen in de patiënten en het bekijken van de agenda’s waarin de afspraken staan voor alle patiënten. Daarnaast is de werklijst een leidraad met verpleegkundige taken per dienst. In de werklijst staan controles en medicatie, maar soms moet een patiënt nog voor een onderzoek naar een andere afdeling. Daarnaast maak je een beoordeling van wat een patiënt zelf kan aan ADL zorg en waarbij hulp nodig is. Samen met de artsen lopen we de artsenvisite. Hierbij bespreek je de patiënten en hun voortgang. Aan de hand daarvan wordt het beleid van de dag en verder bepaald.

Zo’n ochtend kan ook best chaotisch zijn, zegt Jacoba, omdat je dan tussen de patiëntenzorg door, de artsenvisite moet lopen. Daarnaast kunnen er ook nog andere dingen tussendoor komen, bijvoorbeeld een PICC-lijn plaatsing, fysiotherapie of een bezoek van de diëtist. Hierdoor moet je flexibel zijn en je planning regelmatig aanpassen.

De patiëntengroep waar wij mee werken

is heel gemêleerd. Het zijn veel geriatrische patiënten, dus oudere mensen, maar er zitten ook jonge mensen tussen. Wij werken voor Interne Geneeskunde algemeen, Ouderenzorg en Infectieziekten. Niet altijd zijn onze bedden bezet door onze eigen specialismen. Die bedden worden dan gebruikt voor patiënten van andere specialismen, waaronder bijvoorbeeld Oncologie, Longziekten en Hematologie.
Dat noemen we leenbedden, vertelt Jacoba. Soms is dat gepland, dan kunnen we de opnames verwachten, maar soms verwachten we het ook niet. Ik vind deze diversiteit heel erg leuk.
Ronald: De zorg voor deze patiënten valt dan volledig onder ons. Het enige wat van de andere afdeling mee komt zijn de artsen. Het kan dus gebeuren dat je tijdens de artsenvisite vier verschillende artsen hebt, dat kost veel tijd.
Jacoba: De artsen zijn gelukkig wel goed bereikbaar. Ik vind het mooi dat het contact met de artsen zo laagdrempelig is. Dat moet ook wel met zo veel verschillende specialismen op één afdeling.
 

Het team van verpleegafdeling E3

is er altijd voor elkaar. Als het zwaar is op de afdeling, maar ook als er thuis iets speelt. Er heerst veel positiviteit. Toen ik hier kwam werken voelde het direct als een warme afdeling, vertelt Ronald. Je helpt elkaar, je bent er voor elkaar, het zijn geen individuen. Het is een mix van jong en oud en er werken best veel mannen. Dit is een goede combinatie.
Jacoba: Zo heb ik eens drie zware diensten achter elkaar gehad. Ik begeleide voor het eerst hier in het ziekenhuis twee patiënten tegelijk in een palliatief traject. Ondertussen stond het hele team voor mij klaar. Ik had zo’n positief gevoel over hoe ik het kon afsluiten. De samenwerking met de artsen, maar ook met mijn collega’s. Het is een super team!
Ronald: het is ook heel gezellig en we kunnen grappen met elkaar maken, dat is ook belangrijk. We gaan regelmatig na een dienst nog even met elkaar het centrum in. Ook hebben we een lief en leed team. Die organiseren allerlei activiteiten. Vooral de kerstborrel is altijd erg gezellig.
 

Er gebeuren hier soms gekke dingen

omdat we ook veel verwarde patiënten hebben, dat hoort bij de geriatrie. Van patiënten die ’s nachts de hele keuken overhoop halen, patiënten die zelf bij de balie staan, maar hun infuus hebben achtergelaten op hun kamer, tot patiënten die het zo goed met elkaar kunnen vinden dat ze elkaar bontjassen en parels komen brengen. Het is hier absoluut niet saai.

Jacoba: Ik heb ook hele bijzondere, mooie dingen meegemaakt. Zo waren er bijvoorbeeld twee familieleden die tegelijkertijd een zware operatie moesten ondergaan, een oma en een kleinzoon. Ze hadden elkaar een tijd niet gezien, dus een collega heeft haar naar de verpleegafdeling gebracht waar haar kleinzoon lag, zodat ze elkaar voor de operaties nog konden zien. Dat heeft mij echt geraakt. 

Het is het allerbelangrijkste dat je contact hebt met je patiënten, zegt Ronald. Voor mij persoonlijk geldt: ik ben serieus wanneer ik serieus moet zijn, maar daarbuiten probeer ik het onaangename met het aangename te vermaken. Het leven is al serieus genoeg, dus er is zeker ruimte voor ontspanning en dat is ‘lachen’.
Jacoba: Zo sta ik er ook in. Het is hartstikke leuk wat je hier met de patiënten kunt doen. Soms ga ik op de rollator zitten en laat ik me rondjes rijden.
Ronald: Ik heb hier een patiënt gehad, die kon bijna weer naar huis en op zondag hebben we in het personeelsrestaurant altijd patat. Dat halen we dan als afdeling altijd op, maar voor de patiënten in principe niet. Maar voor haar heb ik toen ook patat opgehaald. Dus wat verteld ze thuis: Ik heb in het ziekenhuis patat gegeten. Maar niemand die weet wat ze de dagen daarvoor gegeten heeft, want dat vertelt ze niet. Dat soort dingen, daar doe je het voor en dat herinneren patiënten zich na hun opname.
Jacoba: En dat maakt het ook zo leuk, want het is hier elke week weer anders. Je kunt zelf echt een rol spelen in de leuke dingen die er gebeuren.
 

Het werk komt hier soms in pieken

en daar moet je mee om kunnen gaan. Ronald: Er zijn diensten bij dat je patiënten hebt die zijn het ene moment hartstikke goed, maar je draait je om en de situatie is helemaal anders. Dan moet je snel schakelen en dat is niet altijd leuk. Je hebt ook wel eens diensten met patiënten die dusdanig verward zijn, dat je meer bewaker bent dan verpleegkundige. Dat vergt een geheel andere aanpak.
Jacoba: Sommige mensen zien dat als hoge werkdruk, maar ik denk dat als je ziet hoe wij daar als team mee om gaan, dan maakt dat de werkdruk niet per se negatief. We gaan geen kopje koffie zitten drinken als niet iedereen gevraagd is of ze nog hulp nodig hebben. Ik vind dat wel leuk eigenlijk, want het vraagt ook veel plannen en organiseren en het hoort ook wel een beetje bij het vak.
Ronald: Je doet het werk met je hart en je moet echt je hart voor de patiënten geven en er staan voor je patiënten. Heb je daar geen goed gevoel bij, dan is dit niet de plek voor jou.

Werken op verpleegafdeling E3

is een mooie start van mijn verpleegkundige carrière, zegt Jacoba. Er heerst een gemoedelijke werksfeer, je mag altijd alles vragen en het is een veilige leeromgeving. Als je je toch nog niet helemaal vertrouwd voelt met iets, dan kun je altijd een collega vragen om een oogje in het zeil te houden. En als je wilt doorgroeien? Die kans krijg je hier. Zo ben ik hier bijvoorbeeld al begonnen aan mijn senior traject. Kortom, E3 is een perfecte afdeling om te starten wanneer je verder wil doorgroeien.