Verhalen

Het werk van Annemiek

SEH-verpleegkundige

Annemiek werkt 15 jaar in het UMCG, waarvan 13 jaar op de Spoedeisende Hulp (SEH) als verpleegkundige: “Ik ben hier nog lang niet uit gekeken en vind alle facetten van de SEH even interessant. Door de diversiteit in patiënten is elke dag anders.”

Na mijn opleiding tot verpleegkundige

kon ik gelukkig bij een stage adres in Stadkanaal blijven werken. Na anderhalf jaar wilde ik graag dichterbij huis gaan werken en zag ik een vacature bij de Abdominale Chirurgie van het UMCG, en heb ik gesolliciteerd en ben ik aangenomen. Het was een pittige afdeling om te werken, maar ik heb er super veel geleerd en had het er erg naar mijn zin. Na twee jaar was ik toe aan een nieuwe uitdaging en heb ik gesolliciteerd voor de opleiding tot SEH verpleegkundige in het UMCG. Eigenlijk met het idee om op de ambu te gaan werken, maar ik zit nog steeds hier!

Hoe een werkdag eruit ziet op de SEH

is afhankelijk van de patiënten die worden aangekondigd via de huisarts, de ambulance of de traumahelikopter. Wanneer mijn dienst start begin ik met het controleren van de kamers, met name de spoedkamers. Ik kijk bijvoorbeeld of alle apparatuur werkt, of alle medicijnen in het spoedblok aanwezig zijn en of de kamers schoon zijn. Wanneer er vervolgens een patiënt binnen komt, dan breng ik die in kaart. Dat betekent aansluiten op de monitor, bloed afnemen, een hartfilmpje maken als dat nodig is, het bloedgas afnemen, analyseren en heel goed vragen wat zich de afgelopen dagen heeft afgespeeld. Daarna begint het puzzelen om te kijken wat er met de patiënt aan de hand is; wat kan ik wegstrepen en wat kan ik bevestigen. Dit alles gebeurt in nauwe samenwerking met de arts. Wat ik leuk vind aan mijn functie als SEH verpleegkundige is dat ik probeer de arts telkens een stapje voor te zijn, zodat die nooit om een onderzoek hoeft te vragen. Wanneer er vervolgens duidelijk is wat er aan de hand is, dan kan de patiënt of naar huis, naar de OK of naar een afdeling worden overgeplaatst.

Op de SEH weet je van heel veel specialismes een beetje en bij het UMCG zien we natuurlijk ook patiënten met zeldzame ziektebeelden en transplantaties. Daardoor word ik geprikkeld om nieuwe informatie op te zoeken en zo leer ik steeds weer nieuwe dingen.

Het team dat hier werkt

is groot, relatief jong en heel divers. Van leerlingen en stagiairs krijg ik vaak terug dat ze zich enorm welkom voelen. Stomme vragen bestaan niet, iedereen helpt elkaar en we zijn allemaal aanpakkers. We kunnen ook wel een pittig team zijn, we zijn zeker niet op ons mondje gevallen. Dat is in deze functie ook wel nodig, je moet wel de leiding durven en kunnen nemen, ook richting de patiënt. Soms is er zo’n paniek dat ik tegen de patiënt moet zeggen: “Ik weet dat je overal aan denkt, maar we gaan nu even stap voor stap en dan gaan we kijken wat dat ons brengt.” En wanneer ik iets zie bij een patiënt waar ik geen goed gevoel bij heb, dan laat ik mij wel horen als verpleegkundige bij de arts.

Sinds vorig jaar

ben ik ook praktijkbegeleider. Ik vind het nog steeds erg leuk om aan het bed te staan en dat combineer ik nu met het begeleiden van leerlingen en werkbegeleiders. Ik ben bij alle evaluatiegesprekken aanwezig van de leerlingen en lees hun evaluatieformulieren. Als ze ergens anders een stage hebben gelopen, dan lees ik die verslagen ook. Tijdens de eerste module van de opleiding, de Basis Acute Zorg (BAZ) module, voer ik ook nog een praktijkobservatie uit. Daarnaast blijf ik met de werkbegeleiders in gesprek, zodat we tijdig kunnen ingrijpen wanneer er iets niet goed gaat. Het coachen, mensen aan het denken zetten en ze aansporen tot zelfreflectie is heel leuk. Ik blijf mijzelf ontwikkelen, maar vind het ook belangrijk dat anderen zich kunnen ontwikkelen.

Het aantal leerlingen

wordt steeds groter. We zijn zeer actief aan het werven en voor het komende jaar heb ik 11 verpleegkundigen in opleiding. Dat is ongekend! De leerlingen draaien mee in de normale diensten, maar starten met laagcomplexe patiënten en tijdens de opleiding worden de verantwoordelijkheden steeds groter. De leerlingen koppelen hun patiënten ook altijd terug aan een gediplomeerde collega. Ik geef de leerlingen altijd mee dat het belangrijk is om grenzen aan te geven en hulp in te schakelen waar nodig. Daarnaast kijk ik, wanneer er een nieuwe leerling start, welke werkbegeleider daar het beste bij past en andersom. Op die manier kan iedereen er het maximale uit halen.

In korte tijd veel kunnen betekenen

voor een patiënt vind ik het mooiste aan mijn werk als SEH verpleegkundige. Het zit soms in kleine dingen, bijvoorbeeld een extra deken die je iemand geeft of luisteren naar het verhaal van de patiënt. Iemand beter maken is altijd het doel, maar helaas lukt dat niet altijd. Situaties waar kinderen of jonge mensen bij betrokken zijn maken op mij altijd de meeste indruk. Dit zijn vaak de dingen die je zelf in het leven ook niet mee wilt maken. Bijvoorbeeld een gezin dat een auto ongeluk krijgt, reanimaties, mensen die een zelfmoordpoging hebben gedaan of hele ernstige trauma’s. Omdat we werken met een aankomstlijst kunnen we ons op dit soort situaties voorbereiden, maar het blijven situaties die impact hebben.

Soms zien we patiënten met letsel wat voor de patiënt heel onprettig is, maar wat voor ons als verpleegkundigen wel erg interessant kan zijn. Een patiënt op dat moment bij kennis houden, goed kunnen voorbereiden op een operatie en er mede voor zorgen dat iemand uiteindelijk weer gezond naar huis kan, daar doen we het voor!

De SEH van het UMCG

is uniek, omdat het vaak gaat om hoogcomplexe zorg en je patiënten ziet met ziektebeelden die je niet overal tegen komt. Patiënten met bijvoorbeeld een blindedarmontsteking, of een patiënt die gips nodig heeft zien wij steeds minder. Ik maak soms behandelingen mee die niet veel voorkomen en dat vind ik heel interessant. Wel merk ik dat het steeds drukker wordt. Gelukkig gaan we verhuizen naar een nieuwe, grotere SEH locatie in het ziekenhuis.