Het werk van Hilbert

SEH-verpleegkundige

Hilbert werkt sinds 2014 in het UMCG en is sinds maart 2020 gediplomeerd Spoedeisende Hulp (SEH) verpleegkundige: “Het mooie van het werken op de SEH is dat ik heel allround ben als verpleegkundige. Ik pak van elk specialisme iets mee en kan mij daardoor ontwikkelen op de manier die ik zelf graag wil.”

Ik ben bij het UMCG

als verpleegkundige begonnen in de flexpool op een verpleegafdeling van de infectiologie. Dat heb ik uiteindelijk gecombineerd met werken op een afdeling van de longziekten en endocrinologie. Daar ben ik vast aangenomen en heb ik twee jaar gewerkt. Toen ben ik mij gaan oriënteren op een volgende stap en ben ik terecht gekomen op de afdeling van de hepatobiliaire vaatchirurgie, waar ik vervolgens twee jaar heb gewerkt. Op een gegeven moment kwam de vacature voor de opleiding tot SEH verpleegkundige voorbij en toen mijn partner zei: “Je moet gewoon de sprong maken!”, heb ik gesolliciteerd. Het was een heel vrijblijvend en relaxt sollicitatiegesprek en een uur later werd ik gebeld dat ik was aangenomen. Ik ben in september 2018 begonnen aan de opleiding en heb in maart 2020 mijn diploma in ontvangst genomen.

Als leerling op de SEH

kom je echt in een warm bad terecht; zo heb ik dat ervaren in ieder geval. Ik dacht de nodige bagage wel te hebben verzameld op de afdeling waar ik werkzaam was, maar toen ik hier begon was ik toch best onder de indruk van alles wat er om mij heen gebeurde. Gelukkig werd ik aan de hand meegenomen door het team en stond ik niet meteen bij de meest complexe en acute patiënten. Dat werd gaandeweg steeds verder uitgebreid en ook afgestemd op lesstof die we op dat moment behandelden in de opleiding. Samen met mijn begeleider ging ik steeds meer acute patiënten opvangen, met het streven om uiteindelijk volledig zelfstandig de patiënt in kaart te kunnen brengen en een collega te kunnen aansturen.

Op dit moment begeleid ik zelf een leerling. Het is mijn eerste leerling en het is heel leuk een leerzaam, maar het is ook nog even zoeken naar wat ik hem kan bieden en wat hij precies van mij nodig heeft. Bij het begeleiden moet ik soms een stapje terug doen. In mijn hoofd ben ik soms twee stappen verder en moet ik er voor waken dat ik de casuïstiek niet over neem. Het is belangrijk om samen met de leerling te beredeneren wat je ziet aan de patiënt en waarom dit gebeurt. Dat zorgt er voor dat ik zelf ook scherp blijf.

Het is hier hollen

of stilstaan; de werkdagen zijn heel verschillend. Het kan zijn dat je om 7.30 uur met een dienst begint en de hele SEH leeg is. Een uur later kan de SEH vol lopen met patiënten die via de huisarts of polikliniek zijn doorgestuurd of worden binnen gebracht door de ambulance. De rustige momenten gebruiken we vaak voor scholing en casuïstiek training, of het oefenen van gipsen.

Als verpleegkundige op de SEH sta ik samen met een arts klaar om de patiënt op te vangen. Ik zorg er dan voor dat de vitale parameters van de patiënt in beeld worden gebracht, zoals het meten van de bloeddruk, een saturatie en/of het maken van een hartfilmpje. Ook is het aan mij om de patiënt te voorzien van een infuus, het bloed af te nemen en eventueel een arterielijn te plaatsen. De arts focust zich op de patiënt en gebruikt de informatie die we samen verzamelen om een diagnose te stellen.

Daarnaast zie ik mijzelf als een verlengstuk van de patiënt. Het kan hier soms lang duren en ik houd dan bij waar we staan in het proces, of de patiënt nog lang moet blijven, doorgestuurd moet worden of naar huis kan. Ik probeer dan ook altijd even binnen te lopen, mijn gezicht te laten zien en te kijken hoe het gaat. Ik ben ook verantwoordelijk voor de familie die eventueel bij een patiënt is. Ik zeg wel eens: “Ik ben niet van de catering, maar de eerste kop koffie is van mij.”

Het is per patiënt verschillend wat er van mij wordt gevraagd en bij een stabiele casus ben ik heel anders betrokken dan bij een groot trauma. We zien hier ook patiënten met ziektebeelden die je ergens anders niet snel zal zien. Voor mijn eigen ontwikkeling als verpleegkundige is dat ook heel interessant en het maakt de SEH van het UMCG een unieke werkplek.

Het team

bestaat uit zowel startende als ervaren collega’s. Dat geeft een goede mix tussen verpleegkundigen die nog in de opleiding zitten en collega’s die varen op expertise. Er werken hier relatief veel mannen, misschien omdat de SEH echt op actie gericht is. Het is een warm en hecht team. Lief en leed gebeurtenissen zijn in het team vrij snel bekend en daar wordt dan aandacht aan besteed in de  vorm van een kaartje of cadeautje. Dit heb ik zelf ook ervaren bij mijn diplomering. Het is echt een leuke club.

We hebben het als team heel gezellig, maar zijn serieus wanneer het nodig is. Als er een zeer acute patiënt binnenkomt, bijvoorbeeld een reanimatie, is in een fractie van een seconde de juiste focus aanwezig. Iedereen weet van elkaar wat er moet gebeuren, waardoor we erg gestroomlijnd werken. Wanneer iemand een heftige situatie heeft meegemaakt helpen we elkaar ook om dit te relativeren en te verwerken. Omdat collega’s hier in dezelfde setting werken kunnen ze zich goed verplaatsen in het gevoel van verslagenheid dat je soms kunt hebben.

De waardering die je krijgt

van patiënten is heel leuk. Zo heb ik een keer een casus gehad waarbij een patiënt een gedeeltelijke dwarslaesie heeft opgelopen. Na het revalidatieproces is hij speciaal langs gekomen om aan mij te laten zien hoe goed het ging. Mensen sturen ons ook wel kaartjes om te bedanken voor de goede zorg. De dingen die ik zie als ‘gewoon’ mijn werk doen, kunnen door patiënten dus heel anders ervaren worden. Het is mooi om dat terug te krijgen, want dat is toch dat stukje verschil maken.